Historie van de BMW eencilinders 1925 - 1967

BMW is begonnen met het bouwen van eenvoudige ééncilinder motorfietsen in 1925. Toen werd de 247 cc lichtgewicht (110 kg) R39 voor 1870 mark geïntroduceerd. In datzelfde jaar nog werd fabrieksrijder Josef Stelzer op deze motorfiets Deutsche Meister in de klasse tot 250 cc. Kenmerken van de R39 motorfiets waren een boring en slag van 68 x 68 mm, klepstoters en tuimelaars, droge enkelvoudige koppeling en een aandrijfas met ingekapseld kegeltandwiel en hardyschijf. Tussen 1925 en 1967 werden die principes wel verder ontwikkeld maar niet meer losgelaten.

Voordat BMW de R39 op de markt bracht had ze in 1923 al de sensationele R32 boxer uitgebracht. Een "schone",  stille  en snelle motorfiets, met cardanaandrijving en zonder motortrillingen. Probleem voor BMW was wel dat de ééncilinder R39 nauwelijks goedkoper was dan de tweecilinder R32 en tegen het einde van 1927 was het dan ook niet meer rendabel om de R39 nog te produceren.

Op het moment dat de armoede echt toesloeg (1931) kwam BMW met de opvolger van de R39 op de markt. Dat werd de goedkope en praktische R2. Een geperst stalen frame, 95 kilo zwaar, 198 cc groot (en daardoor belastingvrij), te koop voor 975 mark. In vijf jaar tijd zijn er in 5 verschillende uitvoeringen zo'n 15.000 van verkocht. Er waren ook driewiel uitvoeringen voor het bezorgen van pakjes, een rijbewijs was niet nodig.

In 1932 werd de R4 geïntroduceerd. De 12 pk sterke motor bleek zulke goede off-the-road rijeigenschappen te hebben dat er direct behoorlijke orders van het leger loskwamen. Na de R4 kwam in 1936 de R3. Met 11 pk uit 305 cc was de motor vrijwel gelijk aan de R4. Er zijn echter slechts 740 exemplaren van gebouwd.

In 1937 al verscheen de R20. Deze motor had weer een gewoon buizenframe en als eerste mono een telescoopvoorvork, alleen zonder schokbreker. Verder was hij uitgerust met voetschakeling (3-bak) en een gereedschapskastje op de tank.

De R35 was in 1937 de laatste mono met een geperst plaatstalen frame en nu óók met een telescoopvoorvork. Deze motor is veel in het Duitse leger toegepast. Toen in Duitsland de belastingvrije cilinderinhoud van 200 naar 250 cc werd opgevoerd, verscheen prompt de R23. Deze was op de cilinderinhoud en het vermogen na (10 pk) identiek aan de R20. In 1941 werd gestopt met het bouwen van ééncilinders. Door de oorlogstoestanden zal het 7 jaar duren voordat BMW weer een ééncilinder bouwt.

De 12 pk R24 was een mix van alle vooroorlogse types. De motor was krachtiger en soepeler dan zijn voorlopers met dezelfde cilinderinhoud. Hij had een nieuwe Norris dynamo met een automatische vervroeger en een schokbreker op de hoofdas in de versnellingsbak. Zijn opvolger, de R25, kwam al in 1950. Een nieuw buizenframe met plunjerachtervering, verwisselbare wielen, rechte spaken en een wat nettere voorpartij maken van de R25 een nog betere motor.

In 1952 verscheen de R25/2, die maar kleine verbeteringen had: beter zadel, remlicht, vrijlooplampje en de tank met rubber bevestigd.

De in 1953 op de markt verschenen R25/3 was echt een compleet nieuwe motorfiets en voor BMW een bestseller. Met 55.000 stuks zou dit het meest verkochte model worden uit de BMW geschiedenis. Voor het eerst kreeg een mono een (echte) gedempte telescoopvoorvork, kleine 18" wielen met volle naven en lichtmetalen velgen, een koppeling met een diafragmaveer, een zeer lange luchtinlaat, die in combinatie met de grotere carburateur het vermogen deed groeien naar 13 pk.

In 1955 ziet de R26 het levenslicht. Nu met 15 pk en een heuse swingarm vóór en achter. De cardanas wordt nu door een achterpoot geleid.

In navolging van de R26 komt in 1960 de R27. Het is de krachtigste mono ooit gemaakt. 18 pk bij 7400 t/min. Ook de topsnelheid van 130 km/u mag er zijn. De distributieketting heeft een spanner gekregen en de ontsteking zit nu op de nokkenas. Het meest opvallende aan de R27 is wel de rubberophanging van het motorblok in het frame. Hierdoor worden veel trillingen geëlimineerd. 1967 is het laatste BMW ééncilinderproduktiejaar cry.

Met het verdwijnen van de mono uit het BMW programma verdwijnt er een stuk nostalgie dat zijn weerga binnen BMW motorfietsen niet kent. Gelukkig zijn ze onverwoestbaar, zo kunnen we er nog in lengte van jaren plezier aan beleven.